donderdag 31 augustus 2017
Je hond los laten lopen, een mag of een moet?
donderdag 24 augustus 2017
Overkill aan gezonde voedingtips
vrijdag 10 februari 2017
Prietpraat 55
Zitten
'Wat zulle we ens gaon doon?', vraagt Evi op een dinsdagavond om 18:30 uur nadat ik na een hele dag op kantoor, daarna boodschappen te hebben gedaan en te hebben gegeten me op de bank wil installeren. 'Ich weit neet was do geis doon', antwoord ik dus, 'maar ich bön bliej as ich zit'. 'Jao maar', zegt Evi na even te hebben nagedacht, 'do haes toch al de ganse daag gezaete?'.
Vies woordje
Evi en haar vriendje Kéano hebben het over 'Sint-Maarten'. Kéano vertelt dat het Sint Maartensvuur aan wordt gestoken met een fakkel. Maar als dat niet lukt de brandweer het vuur aanmaakt met een gasbrander. Dan is hij even stil en zegt dan: 'Maar dao zit waal un fiés woord in'. 'Wao-in?', vraagt Evi? 'In fakkel', antwoordt Kéano. 'Fak'.
Meedenken
Evi vertelt tegen Kéano dat ze een hondje gaat vragen aan Sinterklaas. Als Kéano zich er van overtuigd heeft dat Evi een echte puppie bedoelt vindt hij het een goed idee. 'Maar den motte d'r waal gaatjes in ut inpakpapier waere gemak', is wel nog even z'n advies.
Buitenlands
Een paar weken voordat we onze puppie Blues van het ras 'Engelse Staffordshire Bullterriër' mogen gaan halen vraagt Evi zich bezorgd af of Blues ons wel verstaat als wij Nederlands tegen 'm praten. Ik vraag haar waarom ze zich daar zorgen over maakt. 'Ömdet dae oét Ingeland kump', is haar antwoord.
Adventskransje
'Mama weniër gaon we den det theekransje make?', vraagt Evi
Wraps
Na een blik in de koelkast te hebben geworpen op de dag dat we Nico's verjaardag vieren vraagt Evi: 'Haes-se weer fleps gemak?'
Vel over
Volgens Evi heeft onze puppy die nog in z'n velletje moet groeien 'lijf over'.
Graag
Evi en haar vriendinnetje doen een spelletje waarbij ze met 5 letters zoveel mogelijk woordjes moeten leggen binnen een bepaalde tijd. Als er een piepje klinkt is het woord goed en krijgen ze een punt. Het vriendinnetje legt 'geer' en het piepje klinkt. Evi kijkt er vragend bij. Het vriendinnetje legt uit dat geer is van 'ich wil det gaer'.
Buurman en Buurman
Evi speelt bij haar beste vriendje Kéano. Kéano heeft een heuse gereedschapskist waar ze mee gaan spelen. Na een tijdje hoort de mama van Kéano ze samen een kreet roepen: 'A je to!'
De q
Evi tekent zichzelf een laptop. Ze tekent aan de voorkant een appeltje, want dat had haar vriendje Kéano op school ook gedaan. 'Want dao is d'r ouch zonne van'. Kéano zoekt af en toe iets op, op zijn laptop voor de legerclub waar hij de baas van is. Dan schrijft ze letters in de vakjes, somt op welke ze al heeft en vraagt aan mij welke ze dan nog mist. Ik noem een paar letters op waaronder de 'pûh'. 'Ao ja! En de angere pûh ouch!'
dinsdag 7 februari 2017
Collega's, het zijn net mensen af en toe
* Als een politieagent in de gaten moeten blijven houden of die-en-die wel terug wordt gemaild of dat dat-en-dat wel wordt aangepast in het systeem;
* Een miljoen keer moeten vragen wanneer er nou toch eens een fancy koffiezetapparaat/nieuwe machine/nieuw systeem wordt aangeschaft;
* Je bijna elke morgen als je de vaatwasser uitruimt (ja ook dat komt vaak op dezelfde personen neer) afvragen wie z’n vuile kopje/glas/bord niet in de vaatwasser heeft gezet de avond ervoor. En nee, de vaatwasser draaide nog niet toen de laatste naar huis ging want die wordt (ook meestal door dezelfde perso(o)n(en) aangezet met een startuitstel van een uurtje of 6;
* Je afvragen waarom de volle vaatwasser niet is aangezet de avond ervoor;
* Weer constateren dat het aardappelschilmesje met de scherpe-punt-kant naar boven in de bestekmok is gezet (ik dacht altijd dat Hoger Opgeleiden slimme mensen waren);
* Vergeten wordt dat er klinken aan deuren zitten dus die worden gewoon dichtgesmeten. Bèng dat was de deur naar de gang….2 seconden later…bám dat was de deur naar het kantoor;
* Op de gekste plaatsen op zoek moeten naar een SCHONE vaatdoek/theedoek/keukendoek;
* Constateren dat er mensen zijn die blijkbaar niet niet-kruimelend kunnen lunchen en het daarbij niet nodig vinden (of niet in de gaten hebben dat het nodig is) om die kruimels even op te vegen;
* Constateren dat er mensen zijn die het blijkbaar niet nodig vinden (of niet in de gaten hebben dat het nodig is) om het tosti-ijzer even met een stukje keukenpapier schoon te vegen nadat ze hun flinterdunne spek erop aan hebben laten bakken of de kaas van hun tosti erop hebben lopen te morsen;
* Bij het gebruik van een gezamenlijke agenda een miljoen keer mensen te moeten herinneren aan het feit dat deze überhaupt bestaat en of ze daar dus in willen zetten dat ze afwezig zijn of thuis aan het werk zijn;
* Bij het gebruik van een gezamenlijke agenda een miljoen keer mensen te moeten herinneren aan het feit dat áls ze dan in de agenda zetten dat ze afwezig zijn, ze er even hun naam bij moeten zetten. Bij alleen ‘afwezig’ weten de rest van de collega’s uiteraard nog steeds vrij weinig;
* Je afvragen waar die ene collega zijn of haar hogere versnelling verstopt heeft;
* Je afvragen hoe die ene collega het telkens voor elkaar krijgt om al die beren op de weg te krijgen;
* Constateren dat het ophangen van een nieuwe wc-rol blijkbaar best lastig is;
* Constateren dat als je op het toilet zit en er iemand op de wc naast je doorspoelt geen water uit de kraan horen lopen. Blijkbaar is het niet nodig om je handen te wassen als je je leuter vast heb gehad;
* Constateren dat mannen blijkbaar meerdere keren per dag moeten poepen en daarvoor vaak de wc op het werk gebruiken;
* Op het moment dat er maar 1 toilet is dat dus door mannen én vrouwen wordt gebruikt constateren dat ín de pot wateren blijkbaar best lastig is;
* Je afvragen hoe het kan dat je als parttimer altijd (voor het gevoel) het printpapier/enveloppen/briefpapier moet vervangen en daarvoor dus een hele nieuwe doos uit het voorraadhok moet slepen?
Vragen die regelmatig bij het nieuwsgierig aagje in mij opkomen als zich zoiets voordoet zijn:
* In het geval van de vaatwasser, de niet-kruimel-opruimende collega, het tosti-apparaat, de lege wc-rol die niet vervangen wordt en de druppels pies voor de pot: hoe ziet het bij deze collega’s thuis uit/hoe gaat het er bij deze collega’s thuis aan toe? Is daar nog Moeder de Vrouw die de rommel achter kindlief’s kont opruimt? Of nog erger: de partner?! Of is het daar in huis dan één grote teringbende?;
* Ben ik de enige die dit opvalt? Of de enige die zich eraan stoort/ergert/irriteert?
Voordat jullie de conclusie trekken dat ik me alleen maar stoor, erger en irriteer aan mijn collega’s. Dat is niet zo. Bovenstaand is een samenvatting van 13 jaar collega’s te hebben gehad (13 jaar werkervaring minus dik een jaar me thuis hebben zitten ergeren 😉 + 1 jaar stagelopen).
maandag 19 december 2016
De (onbewuste) vermakelijkheid van LinkedIn
donderdag 24 november 2016
Baby vs. puppy
Het zal jullie vast niet ontgaan zijn dat wij binnenkort een puppy
krijgen.
En daar heb ik me toch een partij zin in!
Maar het is ook een beetje spannend. Persoonlijk vind ik het net zo spannend als dat je graag een kind wil
maar het toch eng vindt om met de pil te stoppen omdat je dan dus
zwanger kunt worden en het dan heel reëel wordt en je dan een kindje
krijgt dat echt van jou is, en waar jij de verantwoordelijkheid over
krijgt. Zo'n kindje moet dan opgevoed worden en dat wil je goed doen, ik
tenminste wel. En dat geldt dus ook voor een hond. Die moet je ook opvoeden.
En ik wil dat goed doen. Ik wil ons nieuwe vriendje niet 'verzauwen'. Dus ik heb al een aantal boeken en sites
doorgespit en belangrijke zaken op papier gezet. Ook voor de kids zodat
ook zij weten wat wel en niet mag.
Het lijkt voor sommige misschien een rare vergelijking: je kind met een hond vergelijken. Maar dat is het naar mijn idee niet. Het zijn allebei levende wezens die deel uitmaken van je gezin en een opvoeding nodig hebben.
Net zoals Iza ons eerste kindje was en we dus niet wisten wat voor
impact dat zou hebben op ons leven is Blues onze eerste hond. Maar het eerste begin met een hond is toch wat andere koek dan het eerste begin met een baby:
* Een hond zoek je uit. Je zoekt een goede fokker en checkt of hij voldoet aan jouw specifieke voorwaarden en dan is het afwachten. Voordat je je pup na 8 weken daadwerkelijk voor het eerst mee naar huis krijgt heb je 'm al een paar keer gezien en vastgehad. Je baby zie je pas voor het eerst na 9 maanden en nadat je voor je gevoel een marathon gelopen hebt om 'm op de wereld gezet te krijgen. Oké, tegenwoordig met 3D en zelfs 4D echo's is het uiterlijk van je hummel niet meer helemaal een geheim.
* Bij een baby krijg je de eerste dagen hulp van een expert (de
kraamverzorgster) en als die er 's nachts niet is dan kan dat best wel
een drama zijn. Zij leert je de kneepjes van het 'vak'. Nu we de hond
krijgen heb ik niet te maken met knips, scheuren, hechtingen,
regeldagen, kraamtranen enzo dus dat maakt het in ieder geval al makkelijker om rationeel na te denken als zich iets voordoet
* Bij een baby krijg je een paar weken verlof waarin je je helemaal op je baby kunt richten. In Nederland krijg je geen puppyverlof. In Engeland wel trouwens.
* In een kind kan ik me verplaatsen. Ik was er tenslotte zelf vroeger
ook één. Wat er in de kop van een hond omgaat dat weet alleen Cesar
Milan. Maar zijn boeken zijn doodvermoeiend om te lezen. Althans. Zijn puppyopvoedboek.
* Een kind kan op een gegeven moment zeggen wat 'm dwars zit, wat hij
wil of waar hij blij over is. Of als hij weggelopen is vertellen hoe hij
heet aan diegene die 'm rond ziet dwalen en aanspreekt. Oké, je kunt
voor een hond een of ander halsbandje of penning kopen met z'n naam en
adres erop. En oh ja je hebt tegenwoordig Facebook waarop mensen een
foto van een verdwaalde hond plaatsen of waarop je zelf een foto kunt
plaatsen als je hond er tussenuit is gepiept.
* Het opvoeden van een hond lijkt nóg consequenter te moeten als het
opvoeden van een kind. Althans, als je een hond wil die andere mensen
(lees: mensen die niet van honden houden) niet irriteert of angst
aanjaagt. Zeker met het 'merk' hond dat Blues is. Sommige mensen vinden
een Engelse Stafford bij voorbaat al eng. Dat is echter nergens voor
nodig. Ook dat is natuurlijk een verschil: er zijn weinig kinderen die
andere mensen angst aanjagen. Irriteren kunnen ze natuurlijk wel, die
(kleine) kinderen.
* Het opvoeden van een hond begint meteen. Bij een kind begint dat pas na een paar maanden.
* Dat een hond opvoeding nodig heeft en dat je consequent met 'm om moet gaan dat weten veel mensen niet. Als je niet wil dat een hond tegen je opspringt moet je 'm negeren (wist ik ook niet). Als je nooit een hond hebt gehad weet je dat misschien niet, ook al is dat best logisch. Mensen die bij jou op visite komen of jou tegenkomen met je hond benaderen je hond misschien onbewust 'verkeerd'. Maar eigenlijk kan dat met je baby ook gebeuren bedenk ik me nu. Je hebt van die mensen die boven een wandelwagen gaan hangen en keihard gaan lopen te kirren tegen een baby die nèt in slaap probeer te vallen. Of die je kind volproppen met snoep terwijl jij vindt dat ze die dag al genoeg zoetigheid hebben gehad.
* Onze kinderen worden door 2 mensen opgevoed. En hun rang in de 'roedel' (bekeken door de ogen van een hond, ik zei toch dat ik me heb in heb gelezen ;-)) is gelijk. De hond heeft de laagste rangorde in de roedel en daardoor dus in ons geval 4 opvoeders. Er moeten dus 4 mensen op 1 lijn zitten wat betreft die opvoeding. Vandaar dus het inlezen :-)
* Voor het opvoeden van Blues gaan we op cursus. Voor het opvoeden van kinderen bestaan geen standaardcursussen. Eigenlijk best raar. Maar voor beide geldt dan denk ik dat diegene die het het hardst nodig (lijken te) hebben gaan toch niet.
* Wat bij beide gelijk is, is dat er altijd mensen zijn die het beter weten. Daar heb ik dan in ieder geval al ervaring mee. Al reageer ik daar volgens mij nog altijd verkeerd op :-/
Nou. Ik hoop voor Blues dat hij weet waar hij aan begint door bij ons
terecht te komen :-)
dinsdag 1 november 2016
Digitale asocialerigheid
‘Urk, 15 december 1990’
en je daarna je brief begon met een degelijke aanhef:
‘Hallo Truus’
of
‘Geachte mevrouw Koekenpeer’
zo laten we tegenwoordig met het sturen van een appje er geen gras over groeien:
‘Kan ik vanavond even je mondharmonica komen lenen? Die van mij is stuk’.
Dat je al tikkend met je dikke worstvingers op die kleine stomme toetsjes van je telefoon helemaal geen zin hebt in een aanhef, inleiding en slotconclusie van je appje is logisch. Daar zit waarschijnlijk ook niemand op te wachten. Maar een simpele begroeting:
‘Hoi!’
voor je met de deur in huis valt is toch eigenlijk niet teveel gevraagd?
Maar niet alleen als we appen vergeten we onze fatsoensnormen. Ook als we zakelijk corresponderen vergeten we vaak om iemand even te begroeten en netjes af te sluiten.
Antwoorden op e-mails die alleen maar bestaan uit:
‘Oké’
zijn aan de orde van de dag. Als je gelukt hebt gebruikt de afzender een automatische
e-mailhandtekening zodat het mailtje in ieder geval nog een nette afsluiting heeft.
Ook hierbij vraag ik me af of het echt te vermoeiend is om even:
‘Hallo Truus’
erboven te typen. Maar je hebt een punt:
‘Hallo Truus,
Oké.
Met vriendelijke groet,
drs. M.U.T.S. Gompelman
Junior Process Development Business Manager’
ziet er een beetje vreemd uit. Maar met een beetje typediploma en dus in de mogelijkheid om met 10 vingers blind te typen kun je toch in een paar seconden je bevestiging makkelijk wat meer cachet geven:
‘Hallo Truus,
Oké. We zullen de mondharmonica vandaag nog naar je terugsturen.
Met vriendelijke groet,
drs. M.U.T.S. Gompelman
Junior Process Development Business Manager’
Voorafgaand aan deze vraag kun je je ook nog afvragen waar het formele:
‘Geachte mevrouw Koekenpeer’
gebleven is. Die vraag is denk ik makkelijk te beantwoorden. Veel mensen zitten niet te wachten op zo’n formele begroeting. We je- en jij-en elkaar tegenwoordig graag om alles laagdrempelig te maken. En toch merk je ook bij bedrijven of instanties waar men toch nog graag heeft dat er formeel gecorrespondeerd wordt je van die ‘oké’-mails terugkrijgt. Dan kun je dus net zo goed al van begin af aan je- en jij-en lijkt mij.
En dan hebben we het nog niet gehad over de ondertekening in zakelijke e-mails.
Wie heeft bedacht dat:
'groetjes'
geoorloofd is in zakelijke correspondentie?! Ik vind dat er echt niet uitzien.
'Groeten'
kan wat mij betreft prima als je een beetje laagdrempelig en je- en jij-erig wil doen. Maar:
'groetjes'
Nee. Dat nooit.
Maar wat gaan we hier met z’n allen aan doen? Of vinden jullie dit allemaal prima? Ik probeer er in ieder geval op te letten dat mijn appjes een beetje gezellig beginnen:
‘Ha ’
